16/10/2025 Knack - Liet ex-lid terreurgroep CCC vakbondsbetoging mee ontsporen?

‘Mij zou het niet verbazen’

 Jeroen De Preter


Wie was er verantwoordelijk voor de rellen tijdens en na de vakbondsbetoging van afgelopen dinsdag? De beschuldigende vinger gaat onder meer naar Classe contre Classe, een organisatie die niet toevallig dezelfde initialen heeft als de al lang ontbonden linkse terreurgroep CCC. Brein achter Classe contre Classe is voormalig CCC-lid Bertrand Sassoye (62), een man die volgens expert Paul Ponsaers zijn ideeën over geweld en revolutie wellicht nooit zal afzweren. ‘Zijn ideologie is compleet versteend.’

In augustus 2024 bracht het Brusselse blad Bruzz een lange reportage over Sint-Gilles, de gemeente ‘waar extreemlinks de revolutie voorbereidt’. Het artikel zoomt onder meer in op de rol van Bertrand Sassoye, voormalig lid van de terreurgroep CCC (Cellules Communistes Combattantes).

Sassoye wordt hier beschreven als de man die het lokale ‘extreemlinkse leven’ trekt. Zo schreef hij 2020 het manifest Classe contre Classe (afgekort CCC), waarin hij zo veel mogelijk linkse krachten oproept tot een revolutie. Een politiebron noemt het in Bruzz een zorgwekkend document. ‘Sassoye legitimeert geweld, bestempelt de staat als vijand en wil finaal naar een antisysteem.’

 

Terreur

 

Of de woorden van zijn manifest vandaag ook stilaan in acties uitmonden? De naam Classe contre Classe wordt, samen met Secours Rouge, alvast genoemd als één van de bewegingen achter de black block-acties tijdens en na het vakbondsprotest van gisteren. Gemaskerde, in het zwart geklede activisten lieten daar een spoor van vernieling achter en zochten de confrontatie met de politie.

Classe contre Classe en Secours Rouge opereren beiden vanuit Sint-Gillis. De spil van beide groeperingen zou, zo schrijft De Standaard, Bertrand Sassoye zijn, ‘de grootvader-inspirator’ van extreem-links in Sint-Gillis.

Over het verleden van Sassoye en zijn 3 medestanders bij de terreurgroep CCC verscheen eerder dit jaar Bloedrood, Hoe de CCC’ers in de jaren 80 terreur zaaiden en nog steeds actief zijn. De auteur, emeritus professor criminologie Paul Ponsaers, beschrijft hierin hoe Sassoye en Pierre Carette begin jaren 80 van de vorige eeuw uitgroeiden tot de leidende figuren van een extreemlinkse terreurbeweging die in twee jaar tijd meer dan twintig aanslagen pleegde. Bij één ervan kwamen twee brandweermannen om.

Sassoye werd veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf, maar werd in 2000 vervroegd vrijgelaten. In Bloedrood laat Ponsaers zien dat het verblijf in de gevangenis bij Sassoye noch Carette tot inkeer leidde.  Zo citeert Ponsaers uit een interview meteen na hun vrijlating. ‘Vroeg of laat,’ zegt Sassoye hier, ‘zal de vraag naar de revolutie en de gewapende strijd zich opnieuw opdringen.’ Waarop Carette: ‘Ik sta volledig achter de strijd van de CCC, ook achter het geweld.’ Sassoye besluit: ‘Ik sluit niet uit dat het herbegint. Nee, nee. Ik ben er zelfs van overtuigd dat het ooit zover komt. Dat het herbegint.’ Carette en Sassoye zouden elkaar na hun vrijlating ook nog regelmatig opzoeken, ook al was dat verboden.  Sassoye werd in 2008 opnieuw opgepakt op verdenking van terrorisme. Hij zou samenwerken met Italiaanse communisten waarvan werd vermoed dat ze plannen hadden om aanslagen te beramen. In 2012 werd hij vrijgesproken.

 

Versteend

 

Ponsaers gaat in zijn boek ook dieper in op de (lange) ontstaansgeschiedenis van  Classe contre Classe en Secours Rouge, groeperingen waarvan Sassoye duidelijk de spil was. Of hij dat vandaag nog altijd is of hij mee verantwoordelijk moet worden geacht voor de black block-acties, wil Ponsaers niet gezegd hebben. ‘Maar het zou me niet verbazen’, zegt hij in een gesprek met Knack. ‘Wat wel zonneklaar is, is dat Sassoye en Carette nog altijd hetzelfde denken als veertig jaar geleden.’

Na zijn vrijlating in 2000 schreef Sassoye onder een schuilnaam nog een reeks essays over de theorie van de revolutie.

Ponsaers: Hij is er nog altijd rotsvast van overtuigd dat de proletarische revolutie er moet en zal komen. Het is iemand met een compleet versteende ideologie. Die ideologie is de realiteit waarin hij leeft, en waaraan hij niet kan ontsnappen. Ik kan me ook wel voorstellen dat hij daar een aantal jonge mensen in meekrijgt. Zijn verleden bij de CCC geeft hem in een bepaald milieu ongetwijfeld een zeker charisma.  En zo’n anti-regeringsbetoging is natuurlijk een goeie gelegenheid om jonge mensen op te ruien.

Is Sassoye een gevaarlijke man?

Ponsaers: Ongetwijfeld wordt hij in de gaten gehouden door de inlichtingendiensten. Die moeten de overheden dan waarschuwen als er een reëel gevaar dreigt. Maar je kunt zo’n man natuurlijk niet zomaar oppakken. Het is – gelukkig maar – niet verboden om subversieve ideeën te verkondigen. Tussenkomen kan pas als je duidelijke aanwijzingen hebt dat er geweld gepland wordt, bijvoorbeeld omdat er verboden wapens verzameld worden of je, zoals onlangs, kan aantonen dat enkele jonge knapen een droneaanval op de burgemeester van Antwerpen aan het voorbereiden zijn.

Sassoyes kompaan Pierre Carette liet onze redactie vorig jaar weten dat hij ‘uiteindelijk gecapituleerd’ heeft. Hij zou zich op de fotografie hebben gestort.

Ponsaers: Ik hoop van harte dat dat waar is. Het zou een sterke prestatie zijn. Carette is in het verleden duidelijk gebrainwashed. Het is absoluut niet makkelijk om daarvan lost te komen en weer aansluiting te vinden bij de realiteit.

Betrand Sassoye lijkt daar voorlopig niet in te slagen.

Ponsaers: Sassoye is 11 jaar jonger dan Carette.  Hij was nog geen 18 toen hij zich aansloot bij een door Carette opgerichte, extreemlinkse commune in Sint-Gillis. Sassoye was 19 toen hij deserteerde en de clandestiniteit moest induiken. Dat betekent dat hij al op piepjonge leeftijd omringd was door een heel beperkt groepje van mensen die volkomen overtuigd zijn van het eigen gelijk. Dat maakt van hem ook wel een beetje een tragische figuur. Al is dat natuurlijk geen excuus voor geweld en terreur.