Blog Paul Ponsaers

Met de snelheid van het licht? - Januari 2012

Nederland gaat een nationale politie invoeren, bestaande uit een aantal landelijke diensten en tien regionale eenheden. Dat alles zou vanaf 1 januari 2012 operationeel moeten worden. Ik schrijf dit op 15 november 2011, maar weet zelfs niet of de nieuwe Crimelink in de kiosk zal liggen op het moment dat onze Nederlandse vrienden de nieuwe nationale politie boven de doopvont zullen houden. Het lijkt wel de snelheid van het licht. Je houdt het als Belg niet voor mogelijk. Als ik zie hoe onze regeringsonderhandelaars vandaag op de kop al 520 dagen rond de tafel zitten om een programma uit te werken, sta je wel even versteld van dergelijke daadkracht. Intussen zijn die onderhandelaars, daar waar het politie betreft, niet veel verder gekomen dan te stellen dat de zes politiezones die operationeel zijn in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest tot een betere operationele samenwerking moeten komen. Nu ook weer niet de oprichting van een Brussels Metropolitan Police.

 

Enkele contouren zijn duidelijk, daar waar het de Nederlandse politie betreft. Eén en ander staat toegelicht in het Ontwerpplan dat recent werd vrijgegeven. Toen in december 1998 in België de “wet op een geintegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus” tot stand kwam, werd besloten dat de volledige implementatie van het nieuwe bestel van start zou gaan in januari 2001. Zo is het ook gegaan. Het politiebestel werd over twee jaren heen omgebouwd naar het sjabloon van de wet. Deze werkwijze leverde een aantal inzichten op, die we de Nederlandse architecten van het nieuwe bestel niet willen onthouden.

 

Hebben we een sequentieel masterplan? - De invoering van de Nationale Politie in Nederland wordt uitgezet middels een gefaseerde uitwerking. Verschillende Belgische observatoren hebben er op gewezen dat de hervorming werd ingezet zonder dat er een masterplan voorhanden was. De Belgische hervorming was veel ingrijpender dan de Nederlandse vandaag. Niettemin zijn er een aantal gevaren. Zo hebben we in België tot onze schade en schande moeten ervaren dat het nodig is om niet enkel een nieuwe politiële structuur op te zetten, maar dat dit onvermijdelijk dient gepaard te gaan met het uitwerken van een inhoudelijk concept. In ons land hebben we dat slechts gedaan jaren nadat het nieuwe bestel werd geimplementeerd. Dat is de hervorming niet ten goede gekomen.

 

Hoe zetten we bottom-up mechanismes in werking? - Het risico bij de implementatie van een bestel met een Nationale Politie is dat het om een top-down benadering gaat. Zeker daar waar het gaat om het inhoudelijk concept en de cultuuraspecten is het nodig om een bottom-up beweging in gang te zetten. Cultuur gaat immers over gedeelde waarden en normen binnen een organisatie, en die laten zich moeilijk of niet van bovenaf inlepelen. Een onvermijdelijke voorwaarde zal zijn dat de topkaders van het nieuwe bestel dit bestel onvoorwaardelijk uit zullen dragen. Wat we in België veel te weinig gedaan hebben in de fase na de implementatie van het nieuwe bestel is het leerproces bevorderen en bestendigen door middel van het opzetten van goed geplande pilootprojecten. De zaak niet “af”- sluiten, maar “open”-houden is de kunst.

 

Kopen we de hervorming af? - De slechtst denkbare oplossing, ook dat heeft het Belgische voorbeeld ons geleerd, is de hervorming “afkopen” bij het personeel. In België ging de hervorming immers gepaard met een indrukwekkende financiële tegemoetkoming aan het personeel. De Belgische hervorming leverde een implosie op van het aantal politieleiders. Dat bracht met zich mee dat een aantal voormalige politieleiders diende terug te treden. Dit werd grotendeels tegemoet getreden door “gefaalde” kandidaten hun financieel statuut te laten behouden, maar functioneel werden deze personen vaak “weggestopt” in ad hoc functies die strikt gezien niet noodzakelijk waren. Het lijkt dan ook raadzaam dat de Nederlandse hervormingsarchitecten voorzien in een carrièrepad voor deze medewerkers dat niet leidt tot groeiende frustratie.

 

Doen we de juiste dingen goed? - De Nederlandse houtskoolschets voorziet weliswaar “metingen van de tevredenheid, zowel intern als extern”, maar de indruk ontstaat dat op dit punt nog winst kan gemaakt worden. Bij de Belgische hervorming was precies op dit punt veelvuldig commentaar. Zo werd aangedrongen op soliede meetpunten die moesten toelaten de implementatie te monitoren. Een lectuur van het Nederlandse Ontwerplan leert dat de architecten bijzonder ambitieus zijn, door niet enkel de kwantiteit, maar ook de kwaliteit te willen borgen. Essentieel hierbij is, zo leert de Belgische ervaring, dat een nulmeting voorhanden is voordat de ombouw van het bestel wordt ingezet. Slechts op deze wijze kan immers zichtbaar gemaakt worden in welke mate de systeemombouw leidt tot verbetering op die punten die centraal worden gesteld.

 

Voldoende gestuurd op vertrouwen en externe inkijk? - Tunnelblindheid dient geweerd uit het systeem. Het is essentieel om herhaalde peilingen door te voeren ten aanzien van de bij de ombouw betrokken groepen, bij bestuurlijke overheden (zoals bij burgemeesters) en bij de gerechtelijke overheden (zoals het O.M.) omtrent hun tevredenheid met het nieuwe systeem, maar eveneens bij het personeel op de verschillende geledingen van de nieuwe organisatie. Het meten van de publiekstevredenheid is ook primordiaal. Het laat immers toe te peilen naar het vertrouwen van de bevolking in het nieuwe politiesysteem. Ook blijft het van belang het nieuwe bestel op een voldoende wijze open te stellen voor externe, wetenschappelijke studie.

 

Of dit allemaal kan, met de snelheid van het licht, dat zal de erg nabije toekomst moeten uitwijzen. Ik duim, maar heb wel wat twijfels.