Blog Paul Ponsaers

De impact van sociaal vertrouwen - Januari 2011

Je gelooft het of niet. Het spook van Loch Ness is opnieuw gesignaleerd in Vlaanderland, begin december 2010. Marc Hooghe (KULeuven) publiceert met een aantal collega’s een artikel in het ‘British Journal of Criminology’, waarbij het structureel verband tussen werkloosheid en criminaliteit in de verf wordt gezet. Die relatie wordt niet gelegd tussen ‘werklozen’ en ‘criminaliteit’, waaruit zou kunnen afgeleid worden dat bij een werkloze de kans groter zou zijn dat hij overgaat tot het plegen van criminaliteit dan bij een werkend burger. Wel gaat het om het structurele kenmerk van een hoge werkloosheidsgraad op gemeentelijk niveau en een hoge criminaliteitsgraad op datzelfde niveau. Het stuk suggereert dus duidelijk geen relatie op het individuele niveau, maar een sterk verband op het gemeentelijk niveau. Ronduit een interessante bevinding, die in ons land nog niet werd aangetoond. Op zich niks mis mee. Tot op het moment ...

 

Of het nu moest of niet, het is gebeurd. Hooghe kon zich in zijn entoesiasme niet beheersen en beschreef -terloops- de onderzoeksbevindingen als een antwoord op het onderzoek “Criminaliteit en Criminalisering - Allochtone jongeren in België” dat Marion van San afrondde in 2001 in opdracht van toenmalig minister van Justitie, waarin de betrokkenheid van allochtonen bij criminaliteit werd belicht. Meteen zat het spel op de wagen. De oude demonen staken de kop op, Vlaamse ‘kwaliteitskranten’ voerden Hooghe op tegen van San, van San reageerde op Hooghe, en de mallemolen draaide opnieuw.

 

Je staat erbij en kijkt ernaar. Het debat kan toch op een ander niveau gevoerd worden bedenken we. We schrijven een commentaarstuk, waarin we uitleggen dat, als het beleid het criminaliteitsprobleem wenst aan te pakken het zondermeer effectiever is om een proactief preventiebeleid te voeren dan een reactief repressief beleid, niet omdat het ideologisch meer verdedigbaar zou zijn, maar omdat het gewoonweg leidt tot hogere levenskwaliteit. Het gaat met andere woorden om “being tough on the causes of crime”. Als de analyse van Hooghe en zijn collega’s een relatie legt tussen werkloosheid en criminaliteit op gemeentelijk niveau, geeft precies dat resultaat een suggestie op welke manier gemeentelijke beleidsmakers op de oorzaken van criminaliteit kunnen inspelen. We argumenteren dat het gemeentelijk niveau immers toelaat het tewerkstellings- en preventiebeleid af te stemmen, wat alleen maar kan leiden tot een hogere levenskwaliteit in de gemeente. Kortom: de studie van Hooghe geeft inspiratie tot zinvol beleidshandelen, toch?

 

We herinneren er tevens aan dat de studie van Hooghe en co tot stand kwam in het kader van een breed onderzoeksproject, waarbij vier onderzoeksploegen waren betrokken vanuit de KULeuven, de Universiteit Antwerpen, de VUB en UGent. Het project viseerde het uitbouwen van sociale indicatoren inzake sociale cohesie voor de Vlaamse regio, voorgesteld op een studienamiddag begin december, gekenmerkt door een oorverdovende persafwezigheid, precies op de dag dat het debat Hooghe-van San de media intuimelde. Wim Hardyns, medeauteur van het artikel over de relatie werkloosheid-criminaliteit, verdedigde midden november zijn doctoraal proefschrift naar aanleiding van het project. Dat proefschrift richtte zich niet op de relatie werkloosheid-criminaliteit, maar bestond uit een zorgvuldig samengestelde reeks van deelonderzoeken waaruit blijkt dat sociaal vertrouwen veel meer impact heeft op onveiligheidsgevoelens dan het uitbouwen van allerhande vormen van informele sociale controle. We besluiten ons commentaarstuk dat de studie van Hardyns een indicatie oplevert die dezelfde richting uitwijst als deze van Hooghe: een sterker sociaal vertrouwen leidt tot een positief veiligheidsgevoelen, opnieuw aanknopingspunten dus voor een “evidence based” gemeentelijk preventie- en cohesiebeleid.

 

Uiteindelijk bieden we het stuk aan bij een aantal Vlaamse ‘kwaliteitskranten’, in de hoop dat de bijdrage de discussie Hooghe-van San op een ander niveau zal tillen. Naïef, hoe ongelooflijk naïef toch. De kranten melden ons dat ze het stuk niet wensen op te nemen omdat het té informatief is en te weinig opiniërend. We slikken effe en bedenken dat het een zegen is dat Crimelink bestaat.